![]() Het is een gezellige man die het met iedereen kan vinden. Met zijn losse spijkerjas en zijn vale spijkerbroek maakt hij een relaxte indruk. Een echte knuffelbeer vanwege zijn buikje (sorry, vergeef me!) en zijn wollige baard , maar wel iemand die autoriteit uitstraalt: deze man laat niet zomaar over zich heen lopen. Wat echte liefde is, laat hij zien in de manier waarop hij contact legt met de dames.. ‘Ik wil een vriend zijn voor de vrouwen achter de ramen. Veel van hen weten niet hoe een gezonde relatie eruit ziet. Ik vind dat zij het recht hebben om een man van God te ontmoeten, zodat zij kunnen leren wat een gezonde relatie is.’ Een paar jaar geleden begon het werk in het klein naast zijn baan en andere bezigheden. Nu kan Frits het inmiddels zijn beroep noemen: vriend van de (ex-) prostituees uit onze hoofdstad. ‘Officieel noemen ze mij “geestelijk welzijnswerker”, en deze term dekt de lading wel.’ Hoe het begon… Frits gaat er rustig voor zitten. ‘Ik ben een tijdje medevoorganger geweest van een gemeente waar ook wel ex-prostituees kwamen. Ik ging toen ook af en toe mee langs de ramen. Vijf jaar geleden vroeg een Oekraïense vrouw aan mij of ik haar wilde helpen. Zij wilde graag de Russisch sprekende vrouwen achter de ramen bereiken. Ik heb bij allerlei organisaties aangeklopt of de vrouw mee mocht langs de ramen. Maar nergens wilden ze haar hebben. Ik vond het erg dat zij haar droom niet waar kon maken. Dus toen ben ik – gestimuleerd door mijn vrouw en na gesprekken met andere mensen – met haar de Wallen op gegaan. Ik heb hierdoor veel kerken tegen mij gekregen. Zij waren het er niet mee eens dat ik als man vrouwen wilde helpen. Maar ik merkte juist dat ik als man veel openingen had bij de vrouwen. De eerste keer dat ik de straat opging werd er flink gewenkt naar me, dus ik stevende erop af. Dat was makkelijk contact leggen.’ Frits maakt altijd meteen duidelijk dat hij niet voor het lichaam van de vrouw komt, maar om te vragen hoe het met haar is. ‘Soms is er iets wat we kunnen doen, soms is alleen een praatje genoeg. Het komt ook vaak genoeg voor dat we mogen bidden voor de dames en hun situatie.’ Genezing Ik liep een keer ’s avonds over de Wallen. “Friets, Friets”, riep een vrouw vanachter het raam. Ik moest komen. Ze wees naar haar buik en ze maakte een juichgebaar. Eerder die dag had ik gebeden voor haar buikpijn en nu ze wilde me vertellen dat de buikpijn nog steeds weg was. Nu zijn Frits en zijn kornuiten wel bekend op de Wallen. ‘De vrouwen kennen mij en de mensen in het team en ze weten waarvoor we komen. Niet voor hun lichaam, niet om te evangeliseren, maar om er voor ze te zijn. Soms hebben we ook contact met de vader, moeder of vriend en we hebben gezellige avonden met elkaar. Sinterklaas deze week en met de Kerst gaan we ook weer iets leuks doen.’ ‘Het uiteindelijke doel is dat de vrouwen komen op de plek waar ze behoren te zijn, op de plek die God bedoeld heeft. We leren elkaar kennen, en daardoor hoop ik dat zij zullen zien waar ik mijn kracht en plezier vandaan haal zodat ze jaloers worden en nieuwsgierig naar wat mij drijft: God.’ Kleren aan en wegwezen Frits en zijn team delen ook wel eens bloemen uit aan de vrouwen achter de ramen. “Waarom doen jullie dat?” vroeg een meisje eens.” Jullie hebben een zwaar beroep. De meeste vrouwen hier vinden het werk verschrikkelijk en ze voelen zich eenzaam. Daarom gunnen we jullie gewoon een bloemetje.” ‘Het meisje schoot helemaal vol. We gingen naar binnen en deden netjes het gordijntje dicht’ – ‘ik voel me al helemaal thuis in die kamertjes’ voegt Frits er lachend aan toe – ‘en ze vertelde haar verhaal. Ik zei: “laten we vandaag gewoon eens gek doen: wij gaan zo naar buiten, jij trekt je kleren aan, doet het gordijn dicht, trekt de deur achter je dicht en je komt hier nooit meer terug.” Dus wij liepen naar buiten en vier minuten later kwam ze achter ons aan.’ De volgende dag kwam ze weer langs voor een gesprek, Frits heeft een advocaat gebeld en diezelfde avond waren haar financiën geregeld. ‘Ze was onrechtmatig ontslagen en omdat ze eerder achter het raam had gestaan was ze dat weer gaan doen. Dit meisje had eigenlijk alleen even een zetje nodig.’ Wij waren op het juiste moment gekomen en ze vroeg zich af: “Waarom doen jullie dit?” Ja, waarom doe je dit? ‘Ik doe dit omdat ik van mensen houd. Ik doe dit ook omdat ik geloof dat God mij geroepen heeft. Ik geloof dat wij, als Christenen, het verschil kunnen maken in persoonlijke levens. Sterker nog, het werk dat ik doe maakt alleen verschil in persoonlijke levens.’ ‘Ik werk niet met grote evangelisatieprojecten om zoveel mogelijk mensen te bereiken, maar ik leg relatie en ik trek schouder aan schouder met de vrouwen op. Of, zoals Moeder Theresa zei: “Ik had nooit die 40.000 kunnen helpen als ik die ene niet had geholpen.”’ Wat vind je moeilijk in je beroep? ‘Ik vind het moeilijk als ik bij een raam kom met meerdere vrouwen. Ik wil graag een privé gesprek met die ene vrouw, en dan staan er nog een paar die alles kunnen horen. Vaak is het zo dan dat één van die vrouwen die anderen weer in de gaten houdt.’ ‘Soms staat er een jong meisje en die zegt: ”ik sta hier vrijwillig, ik vind het zo leuk” en ze staat te lachen en te dansen, terwijl ik bijna zeker weet dat het om mensenhandel gaat. En de taalbarrière die er vaak is, daar heb ik ook moeite mee.’ Verleiding? ‘Ik ga nooit alleen naar binnen. Niet omdat ik mezelf of de vrouwen niet vertrouw – ik ben nog nooit verleidt door een vrouw – maar zodat andere vrouwen niet denken van “hé, staat hij nou over de prijs te onderhandelen?”. Ik wil altijd open en transparant functioneren. Het is maar net de vraag, waar kijk je naar? Natuurlijk zie je van alles, maar waar concentreer je op? Ik richt me op de vrouwen, niet op hun lichaam. Ik durf het nog sterker te vertellen: als het een verleiding is voor je als man, dan heb je nog ergens mee af te rekenen. Hoe reageren pooiers of loverboys? ‘Zelf heb ik nog nooit last gehad van bedreigingen of zo. Ik denk dat eventuele loverboys of pooiers juist wel blij zijn, omdat wij de vrouwen toch een zekere zorg bieden. Op het moment dat de één na de ander eruit stapt, zal dit wel anders worden denk ik.’ Regeltjes gaan niet voor de persoon Frits en zijn team werken anders dan de gewone hulpverlening. ‘Wij hebben wel professionaliteit om ons heen nodig, maar wij laten de regeltjes niet voor de persoon gaan. Dat is wat ik wel vaak zie – ook in de christelijke hulpverlening. Ik zeg niet tegen een vrouw: Ik kom jou helpen, ik vertel jou wat jij moet doen.’ ‘Eruit halen is één en bij de professionele hulpverlening stopt het daar ook ?, maar wij discipelen.’ Het kost iets van je tijd, iets van je energie en iets van je geld. Ik heb bijvoorbeeld wel eens zes uur op een politiebureau gezeten om een vrouw vrij te krijgen. Frits komt niet langs om eenmalig te evangeliseren. Zijn ogen worden groter. ‘Wij laten nooit iemand los!’ Frits ziet dat professionele hulpverlening nodig is, maar hij kan zich erg opwinden over sommige regeltjes binnen die professionele hupverlening. Ook nu wordt Frits fel: ‘de GGZ zegt: “je mag bepaalde rechten niet ontnemen”. Zij hebben de regel dat je vanaf 16 jaar zelf mag beslissen wat je doet.’ Een meisje dat zichzelf wil pijnigen wordt verteld welk mesje ze moet gebruiken, zodat ze zichzelf niet te diep snijdt. Hier zijn ze!’Hij tikt met zijn vinger tegen zijn voorhoofd om duidelijk te maken dat hij het er niet mee eens is. ‘Dat wordt met overheidsgeld gedaan.’ Volgens Frits durft niemand buiten de regeltjes te gaan. Als er iets fout is gegaan ben je gedekt omdat je je aan de regeltjes hebt gehouden. Je mag niet te betrokken zijn bij je cliënten. ‘Je moet af en toe de regels aan je laars lappen. Ik zoek naar de mazen in het net, niet om de wet te ontduiken, maar om de vrouwen zo goed mogelijk te helpen.’ ‘Laat die ramen maar open’ De gemeente Amsterdam wil af van haar imago en is bezig met het schoonvegen van de Wallen. De buurt worden opgeknapt en ramen worden gesloten. ‘Ik vind het geen goede ontwikkeling, laat die ramen maar open.’ Ook al staan de grachtenpanden er prachtig bij, worden de straten opgeknapt en komen er meer fatsoenlijke winkels en terrasjes, het probleem blijft. Het verplaatst zich naar hotels en in de illegaliteit. ‘Wij verliezen de vrouwen uit het oog en er is niemand die zicht afvraagt hoe het met de vrouwen is. Als overheid heb je dan gefaald als je het mij vraagt. Eerst de vrouwen erachter vandaan, dan de ramen sluiten.’ |
